Onze roadtrip door Louisiana ging verder naar Lafayette, het hart van Cajun Country. Via Avery Island, Oak Alley Plantation en Baton Rouge reden Line en ik uiteindelijk naar New Orleans, waar we de reis afsloten tussen historische straten, livemuziek en bijzonder goede cocktailbars.
Dit vierde en laatste deel werd meteen ook het meest veelzijdige. We voeren door de moerassen, proefden van de lokale keuken en stonden stil bij het confronterende verleden van een voormalige plantage.
Lafayette – Cajuncultuur, plate lunches en het moeras
Na ons verblijf aan de bayou reden we naar Lafayette. Onze eerste stop was Vermilionville, een historisch dorp en openluchtmuseum waar de geschiedenis en cultuur van de oorspronkelijke bewoners, Acadians, Creolen en andere gemeenschappen uit de regio worden verteld.
Tijdens een privérondleiding wandelden we langs historische woningen en werkplaatsen. Vooral het verhaal van de Acadians, die na hun verbanning uit het huidige Canada uiteindelijk in Louisiana terechtkwamen, hielp ons om de Cajuncultuur beter te begrijpen.
Ook de giftshop deed haar werk uitstekend. Ik stapte buiten met een alligatorpetje en een T-shirt, terwijl Line eveneens voor een T-shirt bezweek.
Daarna reden we naar Downtown Lafayette voor een praktische lunchstop bij Dwyer’s Café. Hier maakten we voor het eerst kennis met de Louisiana plate lunch. Je schuift aan langs een toonbank en kiest uit een beperkt aanbod van warme gerechten, meestal vlees met rijst, veel saus en enkele bijgerechten. Wij hielden het bij een burger, maar aan de bedrijvigheid rond de toonbank merkten we dat de plate lunch hier een vaste waarde is.
In de namiddag reden we naar Lake Martin voor een boottocht met Champagne’s Cajun Swamp Tours. We voeren tussen dichte moerasbegroeiing en hoge cipressen, met overal slierten Spaans mos aan de takken. We zagen tal van watervogels en opvallend veel alligators.
Het hoogtepunt was een alligatornest waar een moeder over haar piepkleine jongen waakte. Toen onze boot dichterbij kwam, maakte ze blazend duidelijk dat we niet welkom waren. Een boodschap die weinig ruimte liet voor discussie.
Onze gids vertelde enthousiast over de natuur en het leven in het moeras. Door zijn stevige Cajunaccent was hij niet altijd even gemakkelijk te verstaan, maar dat hoorde bij de ervaring. De boot voer rustig, waardoor we alle tijd kregen om rond te kijken. Dit werd een van onze favoriete natuuractiviteiten van de roadtrip.
Na de rondvaart checkten we in bij SpringHill Suites by Marriott Lafayette South at River Ranch, waar we één nacht verbleven. ’s Avonds gingen we naar Préjean’s, waar een gigantische opgezette alligator en live zydecomuziek ons verwelkomden.
Ik koos voor gefrituurde alligator en chicken gumbo. Vooral de alligator verraste me: qua smaak en structuur zat die ergens tussen kip en scampi. Wat Line bestelde, weet ik niet meer, maar met de muziek op de achtergrond was het een passende afsluiter van onze dag.
Avery Island – Achter de schermen bij Tabasco
Vanuit Lafayette reden we naar Avery Island, de thuisbasis van Tabasco. Ik gebruik de saus al zolang ik mij kan herinneren, dus dit bezoek stond al een tijdje op mijn verlanglijst.
Tijdens de self-guided tour bezochten we onder meer het museum, de serre met peperplanten en het magazijn waar de saus in eikenhouten vaten rijpt. Een teller hield bij hoeveel flesjes die dag al waren geproduceerd. Toen wij er passeerden, stond die boven de 200.000.
In de Country Store proefden we allebei de twaalf varianten. Alles ging prima tot we iets te enthousiast van de Scorpion Sauce proefden. Een ijsje met framboostabasco moest voor verkoeling zorgen. Lekker was het wel, maar als blusmiddel bleek het eerder beperkt inzetbaar.
We kochten allebei een T-shirt en kwamen op het domein ook waarschuwingsborden voor beren tegen. Gezien onze verdere planning hadden we helaas geen tijd meer voor Jungle Gardens. Met historische eiken, bayous en een bekend vogelreservaat hadden we daar gemakkelijk nog enkele uren kunnen doorbrengen. Oak Alley wachtte echter.
Oak Alley Plantation – Een indrukwekkende plek met een confronterend verleden
Vanuit Avery Island reden we naar Oak Alley Plantation, aan de oevers van de Mississippi. De lange laan met eeuwenoude eiken die naar het Big House leidt, is een van de bekendste beelden van Louisiana. De plek is indrukwekkend, maar haar geschiedenis maakt een bezoek ook ongemakkelijk.
Tijdens de rondleiding door het Big House kregen we meer te horen over de families die er woonden en het dagelijkse leven op de suikerplantage. Daarna bezochten we Slavery at Oak Alley, een tentoonstelling over de mannen, vrouwen en kinderen die hier tot slaaf werden gemaakt. Aan de hand van gereconstrueerde verblijven, documenten en individuele verhalen wordt duidelijk waarop de rijkdom van het landgoed gebouwd was.
Net dat contrast bleef bij ons hangen. Oak Alley is visueel bijzonder mooi, maar draagt tegelijk een beladen geschiedenis met zich mee. Het bezoek was interessant en indrukwekkend, maar ook confronterend en bij momenten ongemakkelijk. Dat laatste is hier een essentieel onderdeel van de ervaring.
We verbleven één nacht in een cottage op het domein. Omdat we Oak Alley als reisprofessionals bezochten en de grotere cottages vrij waren, kregen we een upgrade.
Die avond reden we naar Houmas House voor het diner in The Carriage House. We wandelden door de verlichte tuinen en waren vooral onder de indruk van de inrichting en grandeur van het restaurant.
De volgende ochtend konden we Oak Alley beleven zonder de gebruikelijke stroom bezoekers. Er hing nog mist tussen de eiken toen we over het stille domein wandelden. Dat gaf ons de tijd om de plek rustig in ons op te nemen voor we richting Baton Rouge vertrokken.
Baton Rouge – Historische capitolen en een verborgen speakeasy
In Baton Rouge verbleven we één nacht in Hotel Indigo Baton Rouge Downtown. Visit Baton Rouge had voor ons een gegidste wandeling geregeld, waarbij we de stad en haar geschiedenis beter leerden kennen.
We liepen kort door het Louisiana Art & Science Museum, wandelden langs de dijk van de Mississippi en bezochten het Old State Capitol. Met zijn torens en kantelen lijkt het voormalige parlementsgebouw eerder op een neogotisch kasteel. Binnen vallen vooral de draaitrap en kleurrijke glas-in-loodkoepel op.
We bekeken er ook The Ghost of the Castle, een korte 4D-voorstelling waarin de geest van Sarah Morgan de geschiedenis van het gebouw vertelt. Morgan leefde tijdens de Amerikaanse Burgeroorlog en schreef uitvoerig over Louisiana en het kasteelachtige capitool. Historische beelden verschijnen rondom het publiek terwijl het verhaal van het gebouw wordt verteld. De combinatie van geschiedenis, een spookverhaal en visuele effecten deed me denken aan een klassieke Disneyproductie. Prachtig gemaakt en veel meer dan een gewoon informatief filmpje.
Na de wandeling trokken we op eigen houtje naar het huidige Louisiana State Capitol. Het 34 verdiepingen hoge art-decogebouw oogde aanvankelijk streng en sober, maar van dichtbij werden steeds meer details zichtbaar. Vanop het observatiedek keken we uit over Baton Rouge, de Mississippi en het vlakke landschap rondom de stad.
Later wandelden we zelfstandig over de campus van Louisiana State University. Geen absolute must, maar wel een aangename manier om even de sfeer van een grote Amerikaanse universiteit op te snuiven.
Voor een drankje gingen we in het Hilton Baton Rouge Capitol Center op zoek naar The Tunnel, een speakeasy in de kelder van het hotel. Na lang zoeken vonden we een keypad naast een boekenkast. Omdat we dachten dat de code ergens tussen de boeken verstopt zat, begonnen we titels en jaartallen te bestuderen.
De oplossing bleek eenvoudiger: de code was per sms verstuurd, maar door ons Belgische telefoonnummer hadden we het bericht niet ontvangen. Iemand van het restaurant hielp ons uiteindelijk binnen. Niet helemaal de moeiteloze entree van doorgewinterde speakeasybezoekers, maar we waren er geraakt.
We dineerden bij Cecelia Creole Bistro, waar ik boudin balls en jerk fried chicken bestelde. Wat Line at, weet ik niet meer, maar we waren het er allebei over eens dat het uitstekend was.
De volgende ochtend ontbeten we bij Poor Boy Lloyd’s met Marie van Visit Baton Rouge. Daarna namen we afscheid van de stad en reden we richting Des Allemands.
Des Allemands – Met de airboat door de wetlands
Voor onze airboattour hielden we halt bij Spahr’s Seafood Restaurant. Ondanks de naam koos ik voor een burger met frieten. Wat Line bestelde, weet ik niet meer. We zaten aan de toog en raakten spontaan aan de praat met de ober en enkele andere gasten. Opnieuw een eenvoudige tussenstop die dankzij de mensen veel leuker werd dan verwacht.
Bij Airboat Tours by Arthur nam niet Arthur zelf, maar zijn zoon ons mee het water op. Hij vertelde onderweg over het leven rond het moeras en de dieren die er voorkomen.
Het landschap verschilde sterk van Lake Martin. In plaats van een dicht moeras met hoge cipressen voeren we door open wetlands, met uitgestrekte watervlaktes en hoog gras. We zagen arenden, leerden hoe er met fuiken op krabben wordt gevist en vonden een alligator die zich tussen de begroeiing verscholen hield.
Zodra de motor op volle kracht draaide, schoot de airboat met flink wat lawaai over het water. De oorbescherming was geen overbodige luxe. Snel en spectaculair was het zeker, maar de natuur voelde verder weg dan tijdens onze rustige boottocht op Lake Martin.
Line en ik waren het erover eens dat we de airboattour leuk vonden om eens mee te maken, maar dat we zelf opnieuw voor de klassieke swamp tour zouden kiezen. Wie rust en natuur zoekt, kiest beter voor een gewone boot. Wie snelheid en sensatie wil, zit goed in een airboat.
Na de tour reden we naar de luchthaven van New Orleans, waar we onze huurwagen inleverden.
New Orleans – Muziek, geschiedenis en sterke cocktails
Een Uber bracht ons naar The Saint Hotel, waar we twee nachten verbleven. Door de ligging aan Canal Street stonden we zo in het French Quarter.
Een eerste avond in het French Quarter
Na het inchecken trokken we vrijwel meteen de stad in. Rond Bourbon Street wachtte ons het New Orleans uit films en reportages: neonverlichting, livemuziek, balkons en een kleurrijke mix van bezoekers en locals. Het voelde een beetje als de Gentse Feesten, maar dan elke dag.
Voor een rustiger drankje gingen we naar Peychaud’s at The Celestine. De beschutte binnentuin vormde een aangenaam contrast met de drukte enkele straten verder. Daarna wandelden we naar Hotel Monteleone voor The Carousel Bar.
De ronde bar draait langzaam rond terwijl de bartenders in het midden blijven staan. Aan de bar zelf was geen plaats meer, maar we vonden een tafel vlak ernaast. Mensen met hun cocktail langzaam voorbij zien schuiven, bleek verrassend onderhoudend.
We sloten de avond af bij Domenica, een Italiaans restaurant waar we pizza aten.
De verhalen achter het French Quarter
De volgende ochtend deden we de French Quarter History & Architecture Tour van NOLA Historic Tours. We spraken af bij Café Beignet op Royal Street en trokken van daaruit met onze gids door de historische wijk.
Onderweg wandelden we langs oude huizen, balkons en verborgen binnenplaatsen. We kregen meer uitleg over de koloniale geschiedenis, de Creoolse cultuur, de architectuur en de gemeenschappen die New Orleans gevormd hebben. Ook plaatsen als Jackson Square, de French Market en Pirate’s Alley kwamen aan bod.
Net zoals in Fort Worth, Austin en Baton Rouge bewees een gegidste wandeling opnieuw haar meerwaarde. Je bekijkt niet alleen mooie gevels, maar begrijpt ook beter welke verhalen erachter schuilgaan.
Na de rondleiding lunchten we bij Sylvain. Ik koos voor een fried chicken sandwich. Wat Line bestelde, weet ik niet meer, maar na een hele ochtend wandelen smaakte het ons allebei.
Zelf een Sazerac maken
In de namiddag bezochten we Sazerac House, een interactief museum over de cocktailcultuur van New Orleans. We volgden er samen een workshop waarin we leerden hoe je een Sazerac correct maakt.
Dat klinkt niet bijzonder ingewikkeld, maar zoals zo vaak bij cocktails zit het verschil in de verhoudingen en de juiste werkwijze. De workshop paste helemaal bij ons en liet tegelijk een ander stukje erfgoed van New Orleans zien.
Een stad in footballmodus
De volgende dag speelden de New Orleans Saints tegen de Atlanta Falcons. Wij gingen niet naar de wedstrijd, maar de avond voordien liepen overal supporters rond. Vooral Bourbon Street werd steeds drukker.
We kozen daarom voor een wandeling langs de Mississippi. Onderweg passeerden we de Steamboat Natchez en Vue Orleans, zonder ze te bezoeken.
Daarna stapten we binnen bij The Roosevelt New Orleans. Het historische hotel was volledig in kerstsfeer, met lichtjes, ornamenten en lange guirlandes doorheen de lobby. We bekeken er ook de opvallende Mystery Lady-klok.
Onze laatste avond eindigde bij Double Dealer, een speakeasy naast het Orpheum Theater. Via een trap daalden we af naar een donkere, intieme bar met een sterke cocktailkaart. Op de terugweg was het rond Bourbon Street alleen maar drukker geworden. Wij kozen voor de rust van onze hotelkamer.
Geen ontbijt bij Café du Monde
Op onze laatste ochtend wilden we ontbijten bij Café du Monde, een van de bekendste adressen van New Orleans.
Onze ervaring draaide anders uit. De tafels waren vuil, de vloer plakte en lag vol poedersuiker, de kaart was erg beperkt, betalen kon alleen contant en ook de bediening maakte weinig aanstalten om ons te helpen. We besloten weer te vertrekken zonder iets te bestellen.
Niet veel later kwamen we terecht bij Café Beignet op Decatur Street. Daar vonden we een uitgebreidere ontbijtkaart en een aangenamere sfeer. We namen rustig de tijd voor het ontbijt en proefden er uiteraard ook warme beignets, royaal bedekt met poedersuiker.
Een bekende naam is niet automatisch de beste keuze, terwijl een alternatief enkele straten verder soms veel beter bij je past. Daarna namen we een Uber naar de luchthaven en zat onze reis door Texas en Louisiana erop.
Texas en Louisiana: een roadtrip vol contrasten
Tijdens deze roadtrip reisden Line en ik van de Stockyards van Fort Worth naar de bayous van Louisiana. Grote steden, kleine plaatsen, natuurgebieden en historische locaties wisselden elkaar voortdurend af. Soms hadden we maar één nacht om een bestemming te leren kennen. Dat was regelmatig te kort, maar het gaf ons wel een breed beeld van beide staten.
Wat ons het meest bijbleef, waren niet alleen de bekende bezienswaardigheden. Het waren ook de gesprekken aan een toog, een zingende kajakker aan de bayou, een nieuwsgierige kassierster en een alligatormoeder die heel duidelijk liet weten dat we afstand moesten houden.
Deze reis bevestigde voor mij opnieuw hoe belangrijk het is om verder te kijken dan de klassieke lijstjes. Een goede roadtrip combineert bekende hoogtepunten met plaatsen en ervaringen die de reis persoonlijk maken. Niet zoveel mogelijk afvinken, maar puzzelen tot alles klopt.
Wil je zelf Texas en Louisiana combineren in één roadtrip? Ik help je graag om steden, natuur, geschiedenis en bijzondere verblijven samen te brengen in een route die bij jouw manier van reizen past.
Nog niet uitgereisd?
Het begin van deze roadtrip gemist? Start bij Fort Worth, Dallas en Austin in deel 1 of lees het vorige deel over Galveston, Houston en Lake Charles.
Nog meer inspiratie? Ontdek mijn roadtrip langs de oostkust van Florida of lees mijn praktische gids over fooien in Amerika.